Bij 2 Kor. 4:7
Ik ben een aarden vat. Als ik meega in het beeld dat Paulus gebruikt, tenminste. ‘Wij zijn een aarden pot voor deze schat’, schrijft hij, als hij de kracht van God die in ons werkt beschrijft. Een mooi beeld! Een pot van klei, gemaakt door handen, bedoeld als opslagplaats voor iets dat uit zichzelf niet vormvast is. Ik zie meteen de parallel met mijn lichamelijke bestaan. God boetseerde de mens volgens Genesis tenslotte uit klei van de aarde. Ik ben een aarden vat voor een kostbare schat.
Pas op dat je niet leest: ik ben sléchts een aarden vat. Sommige vertalers schrijven het zo op, ook al staat het er niet in de oorspronkelijke tekst. Zou dat komen doordat er in sommige christelijke kringen een sterke tendens is om alles wat met het lichaam te maken heeft weg te zetten als inferieur? Of, brrr, zelfs als zondig? Zo kijk ik er helemaal niet tegenaan! Het lichaam is een fascinerend instrument en ik verwonder me iedere dag over de werking ervan. Hoe alle processen die daarbinnen plaatsvinden op elkaar inwerken en alles op alles zetten om de balans te bewaren of te herstellen. De manier waarop mijn lijf mij signalen geeft en me leidt op mijn weg door het leven. De lichamelijke kant van mijn bestaan zie ik als een vaste, materiële vorm voor het goddelijke Leven zelf, dat uit de diepten van het bestaan opborrelt en uitstroomt tot in de puntjes van mijn vingers.
Hoe mooi ook gevormd en versierd, de essentie van een vat is de ruimte erin. Nu kan een vat niet zelf beslissen waarmee het gevuld wordt. Ik heb wél die keuze. Bij alles wat van buitenaf naar binnen kan of wil, kan ik kiezen: laat ik dit binnen, neem ik dit in me op? En aangezien ruimte mijn essentie is, is dat een belangrijke keuze! Deze vraag doet mij als eerste denken aan voeding. Ik ben in de loop der jaren gegroeid in bewustzijn als het om eten gaat. Er is een groot verschil, zo heb ik leren voelen, tussen mijn maag vullen en mijn lichaam voeden. Na een snelle hap heb ik inderdaad geen trek meer, maar mijn lichaam hongert nog steeds naar voedingsstoffen. Bovendien ben ik steeds meer gaan zien dat ik door bepaalde keuzes te maken in wat ik op mijn bord leg heel concreet en dagelijks bijdraag aan een betere wereld.
Wat voedt mij werkelijk? Diezelfde vraag kun je stellen bij alles wat je je geest binnenlaat. Begin je de dag met scrollen op je tijdlijn en open je je actualiteitenapp om te kijken welke bombardementen er vannacht weer zijn uitgevoerd? Of start je de dag in rust op, misschien zelfs met stille tijd? Wat kies je om te doen in een vrij moment? Ik ken de verleidingen van de telefoon, waar een heleboel leuks op zit. Niet alles is echter even verrijkend voor je binnenwereld. Sommige dingen zijn zelfs ronduit geestdodend. Wat laat jij binnen? Is wat je doet, kijkt en leest voedsel voor de ziel?
Ik ben een aarden vat voor een kostbare schat. Of, in de woorden van Gerrit Achterberg: de mens is voor een tijd een plaats van God. Voor het vat zelf wil ik goed zorgen, want zonder vat geen plaats voor God in deze wereld. De essentie is dat ik ruimte ben – en voor die ruimte wil ik ook goed zorgen.
Wil je meer weten over het verschil tussen je maag vullen en je lichaam voeden? Lees bijvoorbeeld ‘Ieder lichaam moet dit weten’ van Federica Amati of ‘Ingelepeld’ van Tim Spector. Wordt je nieuwsgierigheid gewekt door mijn opmerking dat je je naar een betere wereld kunt eten? Kijk even naar dit (Engelstalige) filmpje https://www.youtube.com/shorts/Ea50wShwceY en je zult begrijpen wat ik bedoel. Zoek op Youtube naar meer filmpjes van Fork Ranger of kijk op https://forkranger.com/nl (wel in het Nederlands) voor meer achtergrondinformatie en antwoorden op de vraag hóe.
Marga Haas
https://droompraktijkzeeland.nl/